In de praktijk: samen naar een goed gesprek

Het is soms knap verwarrend om je weg te vinden in de Nederlandse samenleving als je hier nog maar net woont. Zeker als je de taal niet spreekt. Bij buurtbemiddeling komen we heel wat zaken tegen waar dit een rol speelt.

Pas geleden nog, belt een dame van VluchtelingenWerk. Bij haar zat haar bewonere. “Goedemiddag, ik bel namens mevrouw H. Zij heeft een buurvrouw die iedere dag bij haar aanbelt. Heel lang en snel achter elkaar. Mevrouw H. is erg bang voor haar. Ze durft niet open te maken. Ze zit hier bij me en is erg overstuur. Ze durft niet zelf naar jullie te bellen, daarom doe ik het. Haar Nederlands is ook nog niet goed. Ze woont net 2 maanden in haar huis. Er heeft nog geen gezinshereniging plaats gevonden en ze voelt zich erg ongelukkig zonder haar gezin.”

Tijdens de thuisbezoeken horen wij het verhaal van de buurvrouw: “Ja, weet je wat het is? Sinds zij hier is komen wonen, belt ze iedere avond. Ze praat keihard. Ik kan alles horen. Niet verstaan, want ze praat een ander taal. Maar echt heel hard. En lachen doet ze dan ook, hard. Als ik dan naar haar toe ga om te zeggen of het wat zachter kan, dan doet ze niet open. Maar ze zit wel binnen hoor. Ik kan haar zien als ik door haar raam kijk. Ja, dan kijkt ze gauw de andere kant op, alsof ik er niet ben. Wat vind je daar nou van? Dat is toch niet normaal?”

Deze twee verschillende verhalen maken de situatie een stuk duidelijker. Wat er nog ontbreekt is een vertaler.

 

Eén letterlijk: een tolk. En de vertaler voor de bedoelingen, wensen en vragen zodat deze gehoord en begrepen worden door de andere buur: de bemiddelaar.

Samenwerken met een tolk tijdens een bemiddelingsgesprek komt regelmatig voor.

De tolken zijn ingehuurde professionals of informele tolken die met de coördinator de gedragsregels die horen bij de eisen van buurtbemiddeling hebben doorgenomen. Voor bewoners is het vaak een grote opluchting als een tolk hun woorden kan overbrengen. De taak van de bemiddelaars is om ook hun verhaal, de context van de genoemde feiten, helder over te laten komen.

Een gesprek voeren met een tolk heeft een eigen dynamiek. Vaak is men zich meer bewust van de woorden die men uitspreekt. Ook heeft men de tijd om te reflecteren op wat gezegd is tijdens de vertaling. Een mooie kans voor bemiddelaars om bewoners hierop attent te maken. Door net wat langer na te denken over je woorden, kun je nog wat bijstellen. Het gaat namelijk niet alleen over de boodschap die je wilt overbrengen, maar ook over de reactie die je wilt ontvangen. Met de juiste woorden kun je een heel eind komen.

 

Tijdens de voorbereidingsgesprekken bij de buren thuis kan deze dynamiek besproken worden. Men kan dan zoveel mogelijk profijt halen uit de situatie om naar een goed gesprek toe te werken. De inspanningen van beide buren, met de ondersteuning van tolk en bemiddelaars, geeft vaak de verheldering die zich schuil houdt in het onbegrip.

Toen buurvrouw begreep in welke positie mevrouw H. zich bevond kwam een heel andere kant van haar naar boven. Nu voelde zij zich niet meer genegeerd en belachelijk gemaakt door mevrouw H. Mevrouw H. begreep dat buurvrouw helemaal zo eng nog niet was. Ze begreep ook dat het volume van haar gesprekken bij buurvrouw irritatie opriep. Afspraken maken (voortaan bellen in achterkamer) waren snel gemaakt. Het aanbod om bij buurvrouw op de koffie te komen (google translate erbij…) werd aangenomen.

 

Tips voor bemiddelen met een tolk
1. Spreek af met de tolk dat hij alles vertaalt zonder er een eigen draai aan te geven.

2. Geen discussie tussen tolk en bewoner, alleen vertalen.

 

3. Spreek ook af dat als een tolk een woord niet begrijpt, hij/zij dit meteen aangeeft. Geef hem dan een ander woord / synoniem. Leg dit ook uit aan alle aanwezigen.

4. Laat de tolk schuin achter de bewoner plaatsnemen, dus niet aan tafel naast de bewoner. Op die manier kijkt de spreker naar de bewoner en is de tolk geen deelnemer maar 'de mond' van de bewoner.

5. Spreek af dat er zin voor zin vertaald wordt (dus geen simultane vertaling) en dat niemand de spreker in de rede valt of onderbreekt totdat de spreker zegt dat hij/zij klaar is. Anders krijg je een enorme voortijdige discussie.

6. Vraag vaker dan bij een gewone bemiddeling of de toehoorder wil vertellen wat ze de ander (of jou) hebben horen zeggen. Op die manier weet je ook of de vertaling goed is overgekomen. En check dan natuurlijk bij de spreker of dit ook zo bedoeld is.